Onder de vele percussie-instrumenten waarbij de klank door schudden wordt opgewekt is de 'shékere' misschien wel het bekendst. In de oervorm is het simpelweg een uitgeholde kalebas die is omgeven met een netwerk van draden met aangeregen gedroogde zaden of kralen. In al z'n eenvoud kan het in handen van een goede bespeler echter een complex en intrigerend ritme voortbrengen dat zowel in Afrika als in Midden- en Zuid-Amerika in velerlei culturen en op uiteenlopende plaatsen kan worden gehoord.
Waar het in de westerse symphonische muziek al als zeer gedurfd wordt gezien wanneer er een paar roffels op een pauk wordt gegeven brengt de steeds vaker te beluisteren wereldmuziek het ritme weer als een noodzakelijke basis van muziek over het voetlicht. Iets waar ook liefhebbers van uiteenlopende stijlen als flamenco, 'latin' en jazz natuurlijk al lang aan gewend waren. Wat het laatste betreft was het vooral in het swing-tijdperk van de bigbands dat de drummer het vorstelijke middelpunt ging vormen.
Beroemd is natuurlijk de vertolking van 'Sing, sing, sing' door Gene Krupa bij het orkest van Benny Goodman, maar ook de spectaculaire solo's van Buddy Rich werden ademloos aangehoord. Zelf had ik het voorrecht ooit een legendarische 'drumbattle' bij te wonen tussen conga-tovenaar Candido en de fabuleuze jazzdrummer Jo Jones en dat was zo ongeveer het spannendste halfuur dat ik ooit heb meegemaakt. Het publiek in het Concertgebouw, waar dit tijdens Norman Granz' Jazz at the Philharmonic plaatsvond, ging toen bijna letterlijk uit z'n dak.
Op een muziekbeurs waar een rockdrummer achter een enorme, fonkelende machinerie met veel vertoon toch niet veel verder kwam dan het betere houthakkerswerk, luisterde ik een hal verder naar een Braziliaan die daarentegen met behulp van een simpele theekist met een gat erin de meest boeiende en intrigerende verhalen wist te vertellen. Onlangs onderging ik trouwens eenzelfde betovering bij het optreden van Eddie Conard die aan een paar eetstokjes en een barkruk genoeg heeft om een percussieshow te leveren die alle luisteaars met open mond aan hun stoel vastkluistert.
Maar de absolute top voor wat betreft show en percussie is toch wel weggelegd voor de groep met de malle, maar zo treffende naam 'Slagerij van Kampen'. Gestart in 1982 zijn deze vijf bevlogen muzikanten uitgegroeid tot een fenomeen dat behalve een Edison ook overal uitverkochte concerten opleverde. Dat zoiets niet vanzelf gaat ondervond de vrouw van het eerste uur, Mies Wilbrink, die met versleten schouders en nek onlangs met spelen moest stoppen. Gelukkig gaat men met nieuwe enthousiaste bandleden verder...
Bongo's bestaan uit een set van twee kleine trommels met een iets verschillend formaat. De kleinste daarvan wordt als 'mannelijk' aangeduid en de grootste als 'vrouwelijk'. Ze ontstonden waarschijnlijk zo omstreeks 1900 in Cuba en hebben zich ontwikkeld als een onmisbaar element binnen de Latijns-Amerikaanse percussie, vooral als een instrument waarop heel goed kan worden gesoleerd.
Ze worden meestal zittend bespeeld, waarbij ze dan tussen de knieën worden geklemd. Het is een relatief goedkoop instrument waarop toch alle complexiteiten van Latijnse ritmen en polyritmen kunnen worden uitgevoerd en het is daarmee ideaal voor iedereen die zich daar wat meer in wil verdiepen. Lezen over ritmes heeft immers weinig nut, je moet ze zelf ervaren in die intrigerende wisselwerking tussen lichaam en geest.
Want het is duidelijk dat ritmes een grote invloed op ons kunnen hebben en het gaat zeker niet te ver om er helende effecten aan toe te schrijven. Dit wordt immers ondersteund door toenemend wetenschappelijk inzicht dat juist aan het 'eigen' maken van complexe ritmische herhalingen een rustgevend en balancerend element toekent. In feite vergelijkbaar met mediteren. Daarnaast kan het natuurlijk ook nog als een nuttige lichamelijke oefening worden gezien...
Wie zich aan het bongospelen wenst over te geven doet er goed aan om zich aan te melden bij 'TheBongoGroup', een usergroep waaraan je vragen kunt stellen en waar je je in allerlei discussies kunt mengen. Het is een internationale groep en de voertaal is Engels. Uit eigen ervaring weet ik dat men zich heel voorkomend opstelt tegenover nieuwelingen en hen met raad en daad terzijde wil staan.
Op de video-uitwisselingsite YouTube is inmiddels een complete bongogroep gestart met geweldige (korte) instructie-video's. Op het moment dat ik dit schrijf zijn het er al 64 en hun aantal neemt nog steeds toe. Het is overigens niet alleen maar bongo wat de klok slaat, maar ook Zuid-Amerikaans drumwerk en fantastische conga-solo's. Kijk en luister maar hoe Daniel Sadownick soleert op drie conga's. En bekijk een clip uit de prachtige film Cuba Feliz...
De unieke steeldrum ontstond omstreeks de 30er jaren van de vorige eeuw en had eigenlijk een bijzonder geweldadige achtergrond. Tijdens het Engelse koloniale bewind bestonden er in Trinidad een groot aantal 'gangs' die elkaar op leven en dood bevochten. De daarbij gehanteerde trommels werden door de autoriteiten zozeer met het geweld geassocieerd dat dit in 1886 tot een verbod ervan leidde. Als enig gevolg werden toen echter bamboestaven van een verschillende lengte gebruikt die op de grond werden gestampt en ook deze werden dus na verloop van tijd verboden.
Om toch in de algemene behoefte aan ritmische expressie te kunnen voldoen vormden zich de zogenaamde 'Iron Bands' die deksels en oude oliedrums met zich meedroegen. Totdat omstreeks 1930 iemand ontdekte dat de ingedeukte bovenkant van een drum een andere toon voortbracht. Vele experimenten leidden vervolgens tot de huidige vormen waarbij door beurtelings verhitten en uitkloppen een groot aantal toongebieden worden gevormd. Bovendien worden verschillend vervaardigde drums (of pans zoals ze vaak worden genoemd) een eigen toepassingsgebied toegewezen voor solo of begeleiding.
Een mooi voorbeeld van de positieve invloed die muziek kan uitoefenen is gelegen in het feit dat de gevechten tussen de verschillende gangs na de uitvinding van de steel pan al snel overgingen in een puur muzikale competitie tussen met elkaar rivaliserende orkesten. Deze orkesten bestonden soms uit wel 100 musici en letterlijk honderden instrumenten en het speelniveau steeg navenant. Vooral tijdens het jaarlijkse 'Carnival' worden knappe uitvoeringen ten gehore gebracht, niet alleen in het dansgenre, maar ook op klassiek gebied. Er zijn inmiddels dan ook een groot aantal platen van verschenen.
Het maken van een steeldrum is bepaald geen sinecure en vergt niet alleen veel geduld en een muzikaal gehoor, maar volgens kenners zeker tien jaar ervaring. Merkwaardigerwijs is het een Zweed, Ulf Kronman, die hierover de nauwkeurigste informatie geeft. Ook op de Toucans-site is uitgebreide informatie te vinden en verder op de site van de Trinidad & Tobago Instruments. Uiteraard zijn de beste makers in Trinidad te vinden en worden sommige instrumenten nog traditioneel op het strand met behulp van een open vuur gemaakt. De kant en klare, nauwkeurig gestemde instrumenten worden tenslotte van van een chroomlaag voorzien of kleurig beschilderd.
Stel dat je een leuk stukje muziek wilt maken, dan begin je tien tegen één met de drumpartij. Daarmee leg je het tempo vast en heb je meteen ook het ritme te pakken. Maar hoe kom je als niet-drummer zo gauw aan een drumpartij? Je kunt natuurlijk een programma als Band-in-a-Box voor je laten werken en er zelfs en passant meteen een piano- en een baspartij aan vast laten knopen. Dat werkt inderdaad prima en je kunt nog een redelijke invloed op de instrumenten uitoefenen. Maar er zitten ook veel automatische functies in en misschien wil je er toch iets meer handwerk van maken...
Dan zul je toch ook eerst wat meer over de kunst van het drummen moeten leren. Over de verschillende ritmes en vooral waaruit al die verschillende technieken bestaan, de pannekoeken en paradiddles en wat dies meer zij. In ons land hebben we daarvoor de Slagwerkkrant die een praktisch en onovertroffen boekje uitgeeft met de passende naam De Drummethode (€ 19.95 met cd). Hierin vind je op een heel duidelijke manier alle basis-informatie bij elkaar, inclusief veel oefeningen waarmee je meteen ook de speciale notatie leert kennen en gebruiken.
Uiteraard kun je ook volledig op het internet terecht en dan kun je bijvoorbeeld naar Drum Lessons surfen, waar de basislessen gratis zijn en je ook verder het nodige kunt opsteken. Een overtreffende trap is de Drumlessen Database met zo'n 400 keurig gerubriceerde links naar lessen, voor een groot deel trouwens helemaal gratis. Gewapend met de verkregen kennis zou je dan een drumstel kunnen kopen, een jaartje oefenen en dan je zelfgeslagen ritmes opnemen. Waarschijnlijk is deze weg de meest bevredigende, maar mogelijk iets te omslachtig.
Kijk dan eens bij DrumPatterns, weliswaar een Franse Linux-site, maar gelukkig in het Engels en verder werkt het systeem geheel online, zodat je met het onderliggende besturingssysteem verder niets te maken hebt. Tegelijk is het een Open Source-project en zijn er geen kosten aan verbonden. Wel ben je al experimenterend al gauw een uurtje online en dat zal voor degenen die met een gewoon modem moeten inbellen wel een bezwaar opleveren. Via een duidelijk interface kun je exact aangeven wat elk van de vier ledematen dient te doen en het resultaat is een midi-file en een 'score'.
Nu is het programma vooral bedoeld om oefeningen voor drummers te leveren en bezit het zeker niet alle mogelijkheden om een virtuele Gene Krupa neer te zetten. Dan kom je eerder terecht bij het grandioze 'Tuareg' van Bram Bos, dat een freeware-module herbergt met de mogelijkheid om na registratie (en betaling van $35) nog veel meer fantastische mogelijkheden tot je beschikking te krijgen. Het drumgedeelte wordt vertegenwoordigd door 'Rage' en gaat vergezeld van een sequencer waarin u 12 stereokanalen kunt aansturen en van een echo voorzien (de geregistreerde versie heeft meer effecten).
Eveneens (oorspronkelijk) van Bram Bos afkomstig is het fraai uitziende 'Hammerhead', speciaal gericht op de dance-scene, waarmee je perfecte techno-loops, house-beats, of hoe ze maar mogen heten, kunt realiseren. Maar ook een swingende twobeat is mogelijk. En een kind kan de was doen met het mooi eenvoudige interface. Een stuk ingewikkelder wordt dat met het veelvoudig geprezen Fruity Loops, tegenwoordig FL Studio 5, waar de ontelbare knopjes met al hun instellingen beslist even wennen zijn. Het betreft ook hier een dance-loopgenerator, maar dan als shareware (registratie kost $50).
Wie echt lekker wil experimenteren die moet ook zeker 'Stomper' van Master Zap uitproberen. Voluit 'Stomper Hyperion' genaamd is het in feite ook veel meer dan een drumsklank-generator. In elk geval de moeite van het proberen waard. En wie langzamerhand door al die percussie is gegerepen moet zeker de mooi opgebouwde site van de bezeten drummer Thomás Howie bezoeken. En verder is er de waarschijnlijk grootste site op het internet, DrumWeb. En wie (enigszins) de virtuele ervaring wil proeven om achter een werkelijk groot drumstel te zitten en te spelen gaat naar deze site.