Saxofoon  De saxofoon-famlilie  De sopraansaxofoon | De altsaxofoon | De tenorsaxofoon | En nog groter...

De saxofoon-familie

Hoewel Adolphe Sax oorspronkelijk in wel 11 verschillende saxofoons voorzag zijn daar vooral om praktische redenen tenslotte een vijftal van overgebleven. Eigenlijk zeven wanneer je de al lang niet meer geproduceerde C-melody meetelt en de weinig voorkomende sopranino. Deze laatste vond eigenlijk alleen maar toepassing in militaire orkesten, waar men kennelijk behoefte had aan zo'n hooggestemd instrument. Ook het grootste lid van de familie, de bassaxofoon, komt niet zoveel voor, maar kent toch nog een redelijk aantal bespelers, ook in ons land.

De sopraansaxofoon

Oorspronkelijk als recht instrument uitgebracht is de sopraan maar weinig groter dan een klarinet. Het geluid is echter heel anders en dat komt niet, zoals sommigen wel denken, doordat hij van metaal is, maar omdat de vorm principeel afwijkend is. Waar de klarinet, even afgezien van de beker, vrijwel cylindrisch is, loopt elke saxofoon over de lengte van de buis conisch uit - de diameter wordt dus steeds groter. Dit is de kern van de uitvinding van de Belgische instrumentbouwer. Daarnaast bleek hij een waar genie bij het technisch uitwerken van zijn concept.

Natuurlijk zijn de tegenwoordige instrumenten op een aantal punten verbeterd - als belangrijkste geldt de enkele 'automatische' oktaafklep in plaats van de twee waarin Sax nog voorzag. Het overnemen van het overblaasgat in het hogere register is noodzakelijk om het instrument een redelijke zuiverheid te geven. En om diezelfde reden ontwikkelde Sax compensatiekleppen die vooral bovenin een belangrijke functie vervullen. Vooral de sopraansaxofoon is door de beperkte lengte moeilijk zuiver te krijgen en vergt van de bespeler een goede 'embouchure'.

De moderne sopraan

De laatste jaren wint de sopraan aan populariteit en dat komt ongetwijfeld mede omdat de tegenwoordige instrumenten, dank zij betere ontwerpen en productiemethoden, erg goed zijn. Naast de toppers van Selmer bouwt ook het Japanse Yanagisawa gerenommerde sopranen, waaronder veel in gebogen vorm. Daarnaast echter bieden ook de goedkopere instrumenten van Yamaha een uitstekende kwaliteit. Punt blijft dat het ontwikkelen van een goede en zuivere toon pas na veel studie wordt bereikt en dat het bereik ten opzichte van de altsax zich als nogal beperkt laat voelen.

Mede hierdoor blijkt de sopraan vaak een 'instrument erbij' van vooral tenorsaxofonisten. Dat is waarschijnlijk ook daardoor aantrekkelijk omdat beide zo uit elkaar liggende saxen in Bes 'staan'. Het zijn immers transponerende instrumenten, dat wil zeggen dat een genoteerde C hier als een Bes klinkt, zij het dan een oktaaf uit elkaar. Niet te voorkomen is dat de kleppen dichter bij elkaar zijn geplaatst, maar door de moderne bouwwijze met een vrij wijd uitstekende bediening voor de linkerpink en voor de linker handpalm ontstaat toch een vrij universele speelwijze.

De bespelers

De saxofoon heeft zich binnen de 'klassieke' muziek nog altijd geen werkelijke plaats veroverd, al is er wel degelijk mooie muziek voor geschreven, maar deze blijkt toch vooral voor altsax te zijn. Zelfs in de jazz kreeg de sopraansax aanvankelijk eigenlijk vooral bekendheid door één enkele - superieure - bespeler: Sidney Bechet. Zijn krachtige, bijna trompetachtige aanzetten en zijn sterke vibrato vormde bijna een kenmerk voor het instrument. Totdat vooral latere bespelers als John Coltrane, Wayne Shorter en Steve Lacy het instrument opnieuw in de schijnwerpers wisten te plaatsen.

Iemand die hier in Nederland eenzelfde juichende speelstijl als Sidney Bechet hanteert is Robert Veen - die verder trouwens ook alle andere saxen bespeelt. Zijn trio 'Aces of Syncopation' (met een verdere opvallende bezetting van sousafoon en banjo) laat prachtige en vrolijke staaltjes van zijn sopraanspel horen. Op de aan dit trio gewijdde website zijn korte fragmenten uit een viertal cd's te beluisteren en zijn deze ook te bestellen. Een uitgebreide bespreking van de cd 'Kitano Walk' is op de website van jazzclub 'Langs de Lijn' te vinden.

De altsaxofoon

Het meest universele lid van de saxofoon-familie is ongetwijfeld de altsax, die heel mooi getoneerd het middengebied bestrijkt. Die zowel lyrisch als redelijk sonoor kan klinken, prachtig van toon kan zijn en dit gemakkelijker bereikt dan op een sopraan. Het is voor kinderen daarom een ideaal beginnersinstrument, omdat je hier niet de hoeveelheid lucht nodig hebt als voor de grotere broer, de tenorsax. Het is daarbij tegelijk een flexibel instrument dat voor heel verschillende speelstijlen kan worden ingezet, zowel in de jazz als in de popmuziek, maar ook in veel vormen van volksmuziek.

Klassiek en aanverwante muziek

Het is daarbij ook het instrument dat in de meer klassieke wereld het meest is geaccepteerd en dat te beluisteren is in zulke uiteenlopende stukken als de 'L'Arlesienne-suite' van Bizet en het 'Saxofoonconcert in Es' van Glazounov. Naast componisten uit de oude wereld als Debussy, Ravel, Puccini en Strauss werd de saxofoon echter vooral opgepakt in de Verenigde Staten. Aanvankelijk door prestieuze en populaire marsorkesten als dat van John Philip Sousa, maar daarna ook door componisten als George Gershwin, Copeland en Hindemith.

Iemand die veel heeft bijgedragen aan de introductie van de saxofoon in de VS is de nu vrijwel vergeten Rudy Wiedoeft (1893-1940). Hij bezat een fabelachtige techniek en beheerste alle effecten waartoe een saxofoon maar in staat is. Behalve de altsax bespeelde hij ook vaak de toen populaire C-melodysax en de sopraan. Hij trad van 1910-1920 met enorm veel succes op in concertzalen door de hele VS en ook daarbuiten en speelde daarbij zowel eigen virtuoze composities als 'Saxophobia' en 'Sax-O-Phun' als door hemzelf bewerkte klassieke stukken en ook enigszins jazz-achtige varieténummers.

Jazz... Benny Carter en Johnny Hodges

Benny Carter was een multi-instrumentalist die zowel piano speelde als trompet en trombone, klarinet en diverse saxen. Maar hoewel hij ook als trompettist prachtige songs heeft neergezet is hij toch het meest bekend geworden als de altsaxofonist die decennialang zijn stempel op de jazz heeft gedrukt. Luister bijvoorbeeld naar zijn prachtige solospel in 'I Can't Get Started', waarin zijn mooie persoonlijke toonopvatting goed tot zijn recht komt. Of klik hier voor een uitgebreid verhaal over deze bijzondere muzikant, componist en arrangeur.

Johnny Hodges maakte een groot deel van zijn leven deel uit van het orkest van Duke Ellington en behoort samen met Carter tot de eersten die van de altsax een werkelijk solo-instrument maakte. Gelukkig gaf Ellington zijn solisten veel ruimte en zo zijn er ontelbare mooie soli van Hodges via opnamen te beluisteren. Hij bezat een krachtige maar tegelijk pure en zingende toon met een kenmerkend vibrato en met vloeiende glissando's die hij prachtig liet aansluiten op de andere instrumenten. In langzame ballads kon hij je bijna intiem in je oor fluisteren.

Charlie Parker

De tenorsaxofoon

Coleman Hawkins

En nog groter...

Bariton

De bassaxofoon van Adrian Rollini

wordt vervolgd...